1. Home
  2. Onderwerpen
  3. Wonen
  4. Bouwregelgeving
  5. Vraag en antwoord

Bouwregelgeving

Bouwbesluit

Bouwbesluit

Bouwbesluit online
Doorzoek de integrale en actuele tekst van het Bouwbesluit. Ga naar Bouwbesluit online.
(Kijk ook in de handleiding van Bouwbesluit online.)

  1. Wat is het Bouwbesluit?
  2. Wat is er per 1 januari 2006 veranderd in het Bouwbesluit?
  3. Wat is er per 1 september 2005 veranderd in het Bouwbesluit?
  4. Moet ik altijd voldoen aan het Bouwbesluit?
  5. Hoe zit het Bouwbesluit in elkaar?
  6. Wat zijn gebruiksfuncties en hoe bepaal ik die?
  7. Het Bouwbesluit verwijst naar NEN-normen. Wat zijn dat?
  8. Is het gebruik van NEN-normen verplicht?
  9. Is de huismus in het geding door het Bouwbesluit?
  10. Vanaf wanneer geldt de EPC-eis van 0,8?

1. Wat is het Bouwbesluit?
Het Bouwbesluit bevat bouwtechnische voorschriften waaraan alle bouwwerken, zoals woningen, kantoren, winkels e.d. in Nederland minimaal moeten voldoen. Ook verbouwingen vallen onder het Bouwbesluit. De eisen hebben betrekking op veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu. Het eerste Bouwbesluit is in 1992 in werking getreden en daarmee werden de technische bouwvoorschriften voor het hele land gelijk. Op 1 januari 2003 is een nieuw Bouwbesluit in werking getreden (Bouwbesluit 2003). De laatste wijzigingen van het Bouwbesluit 2003 zijn van 1 september 2005 (zie vraag 3) en van 1 januari 2006 (zie vraag 2).

2. Wat is er per 1 januari 2006 veranderd in het Bouwbesluit?
Per 1 januari 2006 is de energieprestatiecoëfficiënt voor nieuw te bouwen woningen aangescherpt van 1,0 naar 0,8. Deze aanscherping past binnen het streven van het kabinet om de uitstoot van CO2 te verminderen en zo een klimaatverandering tegen te gaan. Het besluit tot aanscherping van de EPC is op 27 oktober 2005 gepubliceerd in het Staatsblad.

3. Wat is er per 1 september 2005 veranderd in het Bouwbesluit?
De wijziging betreft vooral het schrappen van voorschriften, het wegnemen van een aantal inconsistenties en onbedoelde neveneffecten en het opnemen van technische bouwvoorschriften uit andere regelgeving. Verder is door het opnemen van voorschriften voor kinderopvang in het Bouwbesluit 2003 een einde gemaakt aan de veelheid en variatie aan gemeentelijke bouwtechnische voorschriften op het gebied van de kinderopvang. Het gewijzigde Bouwbesluit is per 1 september 2005 in werking getreden.
De wijzigingen zijn toegelicht in een algemene brochure, een geactualiseerde brochure brandveiligheid en een informatieblad kinderopvang. Daarnaast is er een nieuwe versie van het Praktijkboek Bouwbesluit.(Zie onder Publicaties)

4. Moet ik altijd voldoen aan het Bouwbesluit?
Het Bouwbesluit geldt voor het bouwen en in stand houden van alle bouwwerken. Omdat een huis in 1920 nu eenmaal aan andere eisen moest voldoen dan een huis van tegenwoordig, maakt het Bouwbesluit in een aantal gevallen onderscheid in voorschriften voor nieuwbouw en voor bestaande bouw. Voor alle nieuw te bouwen bouwwerken gelden uiteraard de nieuwbouweisen, maar ook bij verbouwingen moet voldaan worden aan de nieuwbouweisen van het Bouwbesluit. Dat geldt dus ook voor verbouwingen in of aan bestaande bouwwerken. Als u gaat (ver)bouwen moet u dus altijd aan het Bouwbesluit voldoen.

5. Hoe zit het Bouwbesluit in elkaar?
Het Bouwbesluit is met name bedoeld voor deskundigen zoals architecten, bouwkundigen en aannemers. Om in het Bouwbesluit te zoeken is dus enige ervaring nodig. Wij raden u daarom aan hiervoor een bouwkundige te raadplegen.
De voorschriften in het Bouwbesluit zijn vastgelegd in de vorm van functionele eisen en prestatieeisen. De functionele eis geeft het kader aan van de voorschriften (bijv. een te bouwen bouwwerk heeft één of meer toiletten); de prestatieeis geeft een grenswaarde waaraan minimaal moet worden voldaan (bijv. een gebruiksfunctie heeft voor elke 125 m2 gebruiksoppervlakte of een gedeelte daarvan tenminste één toiletruimte).
Het Bouwbesluit is opgebouwd aan de hand van vijf 'beoordelingsaspecten': veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en milieu. In vijf aparte hoofdstukken worden de aspecten nader uitgewerkt in 'afdelingen'. In hoofdstuk 2 "Veiligheid" vinden we bijvoorbeeld een afdeling "Algemene sterkte van de bouwconstructie". Deze afdeling kan uiteen vallen in een aantal elementen, paragrafen genoemd.
Elke paragraaf is op dezelfde manier opgebouwd: het 1e lid geeft de functionele eis en het tweede lid koppelt de prestatie-eisen aan bepaalde gebruiksfuncties. Daarna volgen de prestatie-eisen.

6. Wat zijn gebruiksfuncties en hoe bepaal ik die?
De functie van een ruimte bepaalt welke eisen van het Bouwbesluit van toepassing zijn. De verschillende functies worden in het Bouwbesluit aangeduid als 'gebruiksfuncties'. Het Bouwbesluit onderscheidt twaalf categoriën gebruiksfuncties, zoals onder andere woonfunctie, kantoorfunctie, winkelfunctie, gezondheidszorgfunctie. U geeft als aanvrager van een bouwvergunning zelf aan welke functies de verschillende delen van het gebouw krijgen.

7. Het Bouwbesluit verwijst naar NEN-normen. Wat zijn dat?
Het Bouwbesluit geeft prestatie-eisen waaraan een bouwwerk moet voldoen. Wanneer het bijvoorbeeld gaat om een minimale afmeting in meters, is eenduidig vast te stellen of deze prestatie wordt geleverd of niet. Soms vraagt de bepaling van de prestatie echter een uitgebreidere uitleg. Bijvoorbeeld bij de eisen ten aanzien van het energiegebruik van een gebouw. In zo'n geval wijst het Bouwbesluit naar een NEN-norm. Daarin staan één of meerdere methoden om aan het betreffende voorschrift te voldoen. Als u gebruik maakt van de NEN-norm weet u dus zeker dat op dat onderdeel aan het Bouwbesluit zal worden voldaan. Het gebruik van NEN-normen is echter niet verplicht.
NEN-normen worden opgesteld en uitgegeven door het Nederlands Normalisatie Instituut (NEN). Met vragen over NEN-normen kunt u bij het Nederlands Normalisatie Instituut terecht. (zie meer info)

8. Is het gebruik van NEN-normen verplicht?
Nee, er zijn drie andere mogelijkheden. Ten eerste biedt het Bouwbesluit de mogelijkheid om een 'gelijkwaardige oplossing' toe te passen. Dat betekent dat een andere invulling mag worden gegeven aan de prestatie-eis, als er maar voldaan wordt aan de doelstellingen van die eis. De gekozen oplossing wijkt in dat geval af van de voorgeschreven eis, maar biedt tenminste dezelfde mate van veiligheid, gezondheid, bruikbaarheid, energiezuinigheid en bescherming van het milieu als de oorspronkelijke eis.
Ook is het mogelijk gebruik te maken van een Nederlandse Praktijkrichtlijn (NPR). NPR-en worden - evenals de NEN-normen - uitgegeven door het Nederlands Normalisatie Instituut. Een NPR kan bestaan uit bijvoorbeeld een computerprogramma, een vereenvoudigde bepalingsmethode of een reeks concrete voorbeelden die voldoen aan een bepaalde Bouwbesluit-eis. Bij het volgen van de aanwijzingen mag worden verwacht dat aan de minimale eisen van het Bouwbesluit zal worden voldaan
Verder wordt in het Bouwbesluit gerefereerd aan kwaliteitsverklaringen afgegeven door erkende certificeringsinstellingen. Hierbij gaat het om een verklaring waarin is aangegeven dat een bouwmateriaal of bouwdeel, mits toegepast op de omschreven manier, voldoet aan de eisen die aan zulke materialen of delen worden gesteld in het Bouwbesluit.

9. Is de huismus in het geding door het Bouwbesluit?
Sommige mensen vinden dat het Bouwbesluit 2003 één van de mogelijke oorzaken is van de daling van het aantal huismussen omdat het besluit geen nestgelegheid voor de mussen zou toe laten. Het Bouwbesluit 2003 bevat echter geen voorschriften voor de aanwezigheid van nestgelegenheid, waardoor het bieden van nestgelegenheid noch verboden noch verplicht is. Net zo min als de wetgever voorschrijft of een gebouw een plat dan wel een hellend dak moet hebben.

Artikel3.115
Aanleiding voor de verwarring blijkt artikel 3.115 van het Bouwbesluit. Dit artikel schrijft uit oogpunt van gezondheid voor dat uitwendige scheidingsconstructies, zoals een gevel, muur en dak, van nieuwe gebouwen geen openingen mag hebben die breder zijn dan 0,01 m. Zo wordt voorkomen dat ratten en muizen vrije entree hebben in gebouwen, omdat deze dieren schade kunnen aanrichten en ziekten kunnen verspreiden. Een opening in een muur of een dak mag dus best breder zijn dan 0,01 m, als deze opening maar niet in verbinding staat met de binnenruimte.Het is dus de gebouweigenaar die beslist of een gebouw nestgelegenheid zal bieden aan vogels.

Vogelvide
De vogelvide, zoals deze recentelijk in opdracht van de Vogelbescherming is ontworpen, laat zien dat het goed mogelijk is om nestgelegheid te bieden in gebouwen, maar toch schade aan het dak te voorkomen.
Lees meer.....

10. Vanaf wanneer geldt de EPC-eis van 0,8?
De aangescherpte energieprestatiecoëfficient (EPC) van 0,8 voor de woningbouw geldt vanaf 1 januari 2006. Hierover was onduidelijkheid ontstaan omdat het besluit waarin die eis was vastgelegd, niet was aangemeld (genotificeerd) bij de Europese Commissie.
In het Staatsblad van 27 juni is het genotificeerde besluit over de aanscherping van de EPC van 1,0 naar 0,8 gepubliceerd. Dit besluit vervangt met ingang van 15 augustus het eerdere besluit dat niet in Brussel was aangemeld.
De niet-notificatie was een procedurele fout. Deze fout leidt niet automatisch tot ongeldigheid van de aangescherpte norm. Een notificatiegebrek leidt volgens de jurisprudentie van het Europese Hof tot niet-toepasselijkheid van de technische voorschriften (zoals in dit geval de aangescherpte EPC) voorzover zij het gebruik of de verhandeling belemmeren van een product dat niet aan die eis voldoet. De Europese Commissie heeft overigens bij de notificatie van het nieuwe besluit geen opmerkingen gemaakt. Bij de verlening van bouwvergunningen dient dan ook steeds de aangescherpte norm te worden gehanteerd.

Foto

Gerelateerde dossiers